Foto:

Iedereen wint

Als je het een beetje ruim ziet, vielen het songfestival en Pinksteren afgelopen weekend samen. Opgegroeid in het katholieke zuiden weet ik opmerkelijk weinig van Pinksteren. De bijbel was niet iets wat we leerden te begrijpen, de kinderbijbel zag ik als een sprookjesboek. Mijn oma noemde Pinksterzondag een ‘hoge zondag’, wat er in de praktijk op neer kwam dat ik nette kleren aan moest en dat er niks te beleven was. Dat laatste was vanuit het perspectief van mijn moeder dan wel weer een gelukkige combinatie, want zo bleven die kleren ook netjes. Van het songfestival herinner ik me ABBA en het eindeloos durende scoregedoe. Later werd Pinksteren een gratis vrije dag – hier verraadt zich de ambtenaar die in mij huisde – en het songfestival een feestje voor anderen.

Maar ja, coronatijd hè. Een mens verandert na maanden collectief kluizenaarschap en dagen die zich gratis aaneen lijken te rijgen. Dus zat ik zaterdagavond als songfestivalherintreder met een borrel en een mierzoet taartje voor de TV. ‘Wij’ Zeistenaren – ik word steeds ruimdenkender – deden tenslotte twee keer mee: onze nationale trots Jeangu Macrooy met Surinaamse wortels én de Grieks-Nederlandse Stefania, die toch maar mooi een oom en tante heeft die in Zeist een restaurant runnen. Het songfestival is voor een buitenstaander net voetbal: als je eindelijk snapt wie bij welk elftal hoort, zijn er wereldkampioenschappen en blijkt jouw favoriete speler ineens voor het nationaal elftal van Oceanië uit te komen. Heel verwarrend allemaal, maar het maakt ook dat je altijd wel bij een winnaar hoort.

Als vanouds duurde het úren, maar ik heb tot het laatst gekeken. Ik heb het oprecht als een historische gebeurtenis ervaren. Het eerste internationale festival sinds corona. Vol techniek, vol blijheid, een enorme diversiteit en veel licht. Okay, een beetje veel hysterisch licht en voor mensen met aanleg voor epilepsie waarschijnlijk een risico-event, maar de boodschap die ik erin zag was: we gaan niet wachten op het licht aan het eind van de tunnel. We zorgen gewoon dat er ín de tunnel licht schijnt.

Terug naar Pinksteren. Ik weet nu dat het iets te maken heeft met de terugkeer van Jezus. Ik waag me niet aan theologische beschouwingen, maar elke leek kan lezen dat op deze dag Heilige Geest over zijn volgelingen werd uitgestort. “Vuur zet zich vast op hun hoofden en ze beginnen in vreemde talen te spreken. Ze begrijpen elkaar op een niveau dat dieper, intenser is dan door de meeste mensen voor mogelijk wordt gehouden. De Geest is als de wind, die je niet kunt zien maar wel voelen. Die dingen in beweging zet.” Wat volgt is geschiedenis, mensen laten zich bekeren en vormen samen een gemeenschap.

Er is iets in beweging gezet

Ik vond het een mooie samenloop van omstandigheden. Er is iets moois in beweging gezet, waar iedereen het zijne uit mag halen. Voor mij betekenen de Italiaanse roots van mijn wederhelft dat ik mezelf alsnog tot de winnaars reken. We ruiken de vrijheid, nu zorgen dat we niet meteen alles opsnuiven. Daarvoor moeten we als internationale gemeenschap ons best blijven doen elkaar op een dieper niveau te begrijpen. Ook na Pinksteren.

Carol Dohmen

Dohmen draaft door

Meer berichten

Het lokale nieuws in uw mailbox ontvangen?

Aanmelden