Logo nieuwsbode-zeist.nl


"Het Drentse Heideschaap is misschien het mooiste schapenras van Nederland. Na de Tweede Wereldoorlog was dit ras bijna verdwenen", zegt schaapsherder Gerard ten Pierik. FOTO: Rutger van den Hoofdakker
"Het Drentse Heideschaap is misschien het mooiste schapenras van Nederland. Na de Tweede Wereldoorlog was dit ras bijna verdwenen", zegt schaapsherder Gerard ten Pierik. FOTO: Rutger van den Hoofdakker (Foto: Rutger van den Hoofdakker)

Mooiste schapenras van Nederland

Het Drentse Heideschaap is misschien het mooiste schapenras van Nederland. Kenmerkend zijn de prachtige kromgebogen hoorns die zelfs bij de ooien groeien. Ze zijn te bewonderen op landgoed Heidestein waar sinds 1882 een schaapskooi is.

Zeist - "Na de Tweede Wereldoorlog was dit ras bijna verdwenen", zegt schaapsherder Gerard Tenpierik. Vele schapen zijn toen opgegeten, want de nood was hoog. "Het doel hier is dan ook het in stand houden van het ras." Tegenwoordig zijn er weer 4500 geregistreerde Drentse Heideschapen. Gerard, die op de Sophialaan woont, heeft het vak geleerd van schaapsherder Herma, die in 2015 overleden is. Herma heeft het werk 16 jaar lang gedaan. De gepensioneerde Gerard is nu de herder. Hij moet controleren of de schapen gezond zijn en ervoor zorgen dat ze ingeënt worden en dat er rond deze tijd een ram bij komt die voor lammetjes gaat zorgen. De schapen zijn nu in twee kuddes verdeeld met het doel om het zuivere Drentse heideschaap ras terug te fokken. "We zijn ook lid van de Fokkersvereniging Het Drentse Heideschaap", zegt Gerard.

24 ooien zijn geselecteerd op hun bouw, kop, vacht en staart om door de ram die uit een Goois Natuurreservaat komt, gedekt te worden. Gerard rekent op zo'n 40 lammetjes die rond maart geboren gaan worden. "Ik ben dan dagelijks aanwezig", zegt Gerard, "om te kijken of het goed gaat. Maar dit ras is heel sterk en kan goed tegen de kou. In de winter worden de schapen wel bijgevoerd." De andere kudde met 49 niet geselecteerde ooien (en één gecastreerde ram) hebben oog voor de willige ram aan de andere kant van het hek en willen niet de heide op gaan. Zij mogen niet gedekt worden omdat er anders te veel lammetjes worden geboren.

Op de heide wijst Gerard op wat jonge dennenboompjes die op een helling staan. Het is volgens hem te lastig voor de schapen om daar bij te komen. Het doel is de heide open te houden, dus het is niet de bedoeling dat de bomen terug komen. Boompjes die nog jong zijn en niet door de schapen worden opgegeten, worden gerooid. "Het natuurgebied is heel uitgestrekt en de landgoederen Heidestein, Bornia en Noordhout waar een ecoduct is, zijn met elkaar verbonden", zegt Gerard. "En dat is goed voor flora en fauna. De kans is aanwezig dat er in de toekomst zelfs edelherten te zien zijn, want er is er al één gesignaleerd bij Rhenen."Je raakt niet gauw uitgewandeld op het prachtige landgoed. Twee keer per maand wordt er door een vrijwilliger van het Utrechtse landschap een excursie gehouden.

1 reactie
Meer berichten