Logo nieuwsbode-zeist.nl


De 91-jarige Gerrit van Dolderen is vol verhalen over de oorlogstijd. "Wij weten ook wat bombardementen zijn. We hadden daarbij geen tijd om kind te zijn. We moesten steeds naar wegen zoeken om uit de handen van de Duitsers te blijven. Dat vormt je." FOTO: Maarten Bos
De 91-jarige Gerrit van Dolderen is vol verhalen over de oorlogstijd. "Wij weten ook wat bombardementen zijn. We hadden daarbij geen tijd om kind te zijn. We moesten steeds naar wegen zoeken om uit de handen van de Duitsers te blijven. Dat vormt je." FOTO: Maarten Bos (Foto: Maarten Bos)

'De oorlogstijd vergeet je nooit'

"De oorlogsjaren zijn een tijd die je nooit vergeet. Die periode heeft veel indruk gemaakt en toen we eindelijk vrij waren, was dat een ongelooflijke ervaring. Dat kun je alleen begrijpen als je het zelf hebt meegemaakt." Aan het woord is de 91-jarige Zeistenaar Gerrit van Dolderen. "Ik ben een van de laatsten die dit stuk geschiedenis van Zeist nog goed kan navertellen."

door Maarten Bos

Zeist - Van Dolderen is vol verhalen. "Op 17 september 1944 was ik erbij toen de Engelse militairen bij Oosterbeek met parachutes naar beneden kwamen. Ik had nog nooit een parachutist gezien. Ik maakte me uit de voeten want ik begreep dat er gevochten ging worden. Ik ging terug naar Zeist en eenmaal daar aangekomen ben ik samen met groenteboer Langelaar evacuees gaan ophalen. Dat gebeurde met paard en wagen", zo legt de Zeistenaar uit.

"Die evacuees waren op de vlucht voor de oorlogshandelingen. Degenen die in Zeist terecht kwamen werden ondergebracht op vele adressen, ook bij ons thuis aan de Kritzingerlaan. Ze bleven tot aan de bevrijding, want ze konden nergens naartoe. We hadden dus vele monden te voeden en we hebben in de daaropvolgende winter danig honger geleden", aldus van Dolderen.

Van Dolderen: "Ik was in 1944 17 jaar oud en ik kwam in aanmerking om te gaan werken in Duitsland. Ik dook thuis onder. Bij ons in huis waren twee onderduikruimtes. Op 28 oktober 1944 was er een grote razzia. Ik zat in de kelder en ik hoorde de Duitse soldaten boven mij lopen. Als het oktober wordt, denk ik altijd weer aan die gespannen momenten terug."

"Mijn vader zat bij de politie en kon ons vaak vooraf tippen als er huiszoekingen kwamen. Hij deed nog veel meer. Op een keer waren er joodse kinderen naar het politiebureau gebracht. Mijn vader heeft toen contact gezocht met Langelaar en vervolgens werden de kinderen weggesmokkeld via juffrouw Langcle, die een winkeltje had", vervolgt hij.

"Bij de Krakelingweg werd een Engelse Spitfire neergeschoten. De piloot sprong eruit en werd door een man die daar werkte naar ons huis gebracht. Ik heb een nacht met hem samen onder de vloer gezeten. Daarna hebben ze hem naar een andere plek gebracht."

Veel jongere mensen interesseert de oorlog niet. Van Dolderen ervaart soms dat ze niet naar zijn verhalen luisteren. Toch hebben deze jaren ook veel betekenis voor het leven van nu. "Als ik op tv zie dat de mensen in Venezuela honger lijden, denk ik: ik weet wat honger is, ik heb het zelf ervaren. Wij weten ook wat bombardementen zijn. We hadden daarbij geen tijd om kind te zijn. We moesten steeds naar wegen zoeken om uit de handen van de Duitsers te blijven. Dat vormt je."

Er is alle reden om dit stukje Zeister geschiedenis te koesteren en niet te vergeten.

reageer als eerste
Meer berichten


Shopbox