Foto:

Oranjefeest

Column Carol Dohmen

Ik vind het geruststellend dat we nog steeds één partij hebben die tenminste één dag per jaar het hele volk verbindt: de koninklijke familie, het sterkste merk van Nederland. Niets menselijks is hen vreemd, voor- en tegenspoed, puberende kinderen, familiekwesties, een creatieve relatie met de belastingdienst, iedereen ziet wel iets van zijn eigen nederige leven terug bij de Oranjes. Op de dag dat de koning verjaart, voelen we ons allemaal een beetje jarig. En hoewel Austerlitz lange tijd als een 'rood dorp' bekend stond, wapperen er op 27 april de vlaggen en zingen de dorpelingen uit volle borst het Wilhelmus bij de aubade op het dorpsplein, in afwachting van gratis koffie en krentenbrood van de lokale super én de toespraak van de burgemeester. Die merkte terecht op dat er erg veel in de wereld verandert, maar op het programma van Koningsdag in Austerlitz kun je blindelings vertrouwen.

Toch vond ik de burgemeester een beetje beteuterd kijken. Ik kan me daar alles bij voorstellen. Weliswaar was er een lintje neergeregend op een Austerlitzer met een enorme staat van dienst en werd er een bordje bij een herdenkingsboom van de helaas ter ziele gegane vereniging Floralia onthuld, het idee dat je collega burgervader 12 kilometer verderop met de Jarige Zelf aan het feesten is, zou mij persoonlijk stik-jaloers maken.

Gelukkig konden we nog een staartje van het festijn in Amersfoort meemaken. Wegens het Keukenhof-effect (VOL) was het niet meer mogelijk fysiek naar het feestje te gaan, maar op tv kon iedereen meegenieten. Om bijvoorbeeld te zien hoe mensen alles uit de kast halen voor een privé momentje met een Oranje. Zo zag ik een voorstelling van kleine meisjes in tutu. Nog geen seconde nadat het dansje was afgelopen griste een vrouw het allerkleinste peutertje van het podium en snelde met het verschrikt kijkend kind in de armen het koninklijk paar achterna. Maar helaas, die waren inmiddels met een pratende bloempot in gesprek. Serieus! Wij zijn een innovatief volkje, we zetten niet alleen een paar polders vol met bloembollen om die vervolgens door een miljoen toeristen te laten vertrappen, we hebben echt waar een sprekende plant uitgevonden. Die plant gaat structuur aanbrengen in het leven van mensen met dementie. Begrijpen doe ik dat niet. Wanneer mijn bloempot tegen me zou gaan praten zou ik luid gillend wegrennen in de veronderstelling dat ik een slechte trip had (een dagje Keukenhof op tweede paasdag bijvoorbeeld). Maar er zal wel goed over nagedacht zijn.

Amersfoort had nog meer educatiefs opgenomen in het feestje, de regiokwis. Heel leerzaam. Weet u bijvoorbeeld wat het verschil is tussen een Barinees en een Baarnaar? Een Barinees is geboren en getogen in Baarn, een Baarnaar (hoe kakineus kan een woord klinken?) is wat we hier in Austerlitz import noemen. De Lage Vuursche heeft de hoogste pannenkoekendichtheid van Nederland en in dierenpark Amersfoort zijn vorig jaar slechts 8.000 parasolmierbaby's geboren. Dat wist ik allemaal niet en nu wel dankzij de verjaardag van de koning.

Al dat moois en leerzaams moest onze eigen burgermeester aan zijn neus voorbij laten gaan. Ik stel voor dat we hem in Austerlitz volgend jaar als troost een extra bos bloemen aanbieden, zonder pot dan natuurlijk.

Meer berichten