Zeister gipsmeester Leen de Heer met pensioen


<p>''Elke dag weer zien we hoe mensen hun leven letterlijk weer 'op poten' krijgen.''</p>

''Elke dag weer zien we hoe mensen hun leven letterlijk weer 'op poten' krijgen.''

(Foto: PR)

Zeister gipsmeester Leen de Heer met pensioen

  Nieuwsflits

Leen de Heer, de eerste gipsverbandmeester van het Zeister Diakonessenhuis, gaat na 46 jaar met pensioen. Een rekensommetje leert dat hij minimaal zo’n 50.000 armen, handen, benen en voeten ingegipst moet hebben. Als u ooit wat brak in de omgeving van Zeist, dan kent u hem vast en zeker.

door Martine Steen

Zeist - Pas 18 jaar was hij, toen hij opgetogen solliciteerde naar de opleiding tot verpleegkundige. Hij werd ontvangen door de directrice van het toenmalige Zeister Ziekenhuis, hoofdzuster Oosterhof. “U wordt de derde broeder in ons ziekenhuis” vertelde ze hem en stempelde ‘geschikt’ op zijn papieren.

Dat hij niet zomaar ‘geschikt’ was werd hem echter snel duidelijk. Zijn tienerdroom om een spannend leven te gaan leiden als ambulancebroeder werd al in de eerste opleidingsweek gestript van de romantiek. Dit was echt. Rauw en prachtig allebei.

Na zijn lesdagen trok hij zich vaak terug in het bos rondom het ziekenhuis, zat uren te mijmeren bij een klein bosvennetje. “Waar kom ik in terecht?” Hij realiseerde zich dat hij deel ging uitmaken van een groep mensen die een grote verantwoordelijkheid droegen, die er moesten zijn, voor anderen en voor elkaar. Dat was heel wat anders dan het onbezonnen schoolleventje daarvoor. Hij zou er helemaal voor moeten gaan, of anders stoppen. “Niet de sensatie van het vak, maar het feit dat we voor iemand een verschil kunnen maken raakte me. Mensen die behoorlijk in de kreukels lagen konden met onze hulp vaak weer herstellen. Maar dat vroeg steeds weer onze volledige inzet”. Daar bij dat bosmeertje vormde zich het inzicht en de motivatie die hij later nog hard nodig zou hebben.

Op de Eerste Hulp

Na zijn opleiding en een mooie tijd in het zusterhuis ( ‘Groot feest hoor, als enige broeder tussen al die zusters’, grijnst hij) ging De Heer werken op de Eerste Hulp. Het werk paste hem: hij was praktisch ingesteld, handig, niet bang. De SEH van destijds was druk en regelmatig zeer hectisch. Het was werken op het scherp van de snede; vaak kunnen helpen maar regelmatig ook machteloos zijn. “We waren één groot team met elkaar; de zusters en broeders, de artsen, de laboranten, maar ook de politie, ambulancepersoneel en brandweermannen. Als we niet hard aan het werk waren zaten we vaak met elkaar in de koffiekamer; soms slap van de lach om alle vreemde dingen die we meemaakten, soms met tranen in onze ogen omdat we niet konden helpen”.

In die wereld vol heftige gebeurtenissen bleef de Heer overeind door zijn passie voor muziek. In zijn vrije uren speelde hij bas en saxofoon en raakte geleidelijk bekend met de jazz-scene rond Zeist en Utrecht. In het ziekenhuis ontstond een jazzband van artsen en verpleegkundigen die in de aula van het mortuarium oefende (’Daar was het lekker stil’) en op hoogtijdagen feesten versierde met muziek. Maar ook met andere bands en duo’s trad hij op. Hij oefende op zolderkamertjes met toen nog niet zo bekende jazz-muzikanten als Bert van de Brink en Jesse van Ruller en heeft een poos gewerkt voor Joop van der Ende. Hij speelde op meer dan honderd recepties in het ziekenhuis en op vele gelegenheden daarbuiten. “Een prachtige combinatie, jazz en het ziekenhuis. Ik geloof niet dat ik overdrijf als ik zeg dat het me gezond heeft gehouden”.

Om die reden kwam het prima uit dat het ziekenhuis hem na vele jaren op de Eerste Hulp vroeg om de opleiding tot gipsverbandmeester te gaan volgen. Als gipsmeester had hij minder avond- en weekenddiensten en kon hij zich gemakkelijker richten op muziek maken.

Maar al snel merkte hij dat het werk in de gipskamer ook een eigen charme had. “Je bouwt meer dan op de eerste hulp een band op met de mensen, bent langer betrokken bij het genezingsproces. Het is prachtig werk: we moeten origineel zijn, open-minded. Als je niet samenwerkt met je patiënten, dan lukt het niet. Je moet ze soms echt het gips in lullen, hahaah! Want het doet pijn, het is eng.
Kinderen, maar ook volwassenen kunnen zomaar opstaan en weglopen. Dan gaat het niet goed komen. Daar moet je wat mee ”.

Hoe hou je dat vol, zo’n leven vol confrontatie met pijn en ellende? De Heer: “Dat komt door de patiënten. Natuurlijk zijn er tragische, afschuwelijke momenten. Je werkt op de grens van leven en dood, van herstel en verlies. Dat komt iedere dag terug, ook in de gipskamer.
Maar het is ook juist het contact met al die mensen dat ons helpt. Elke dag weer zien we hoe mensen hun leven letterlijk weer ‘op poten’ krijgen. Steeds opnieuw leren wij van al die mensen om positief te blijven, ons samen in te zetten en er met elkaar iets goeds van maken”.

Van de vele kinderen die hij behandelde leerde hij om eerlijk te zijn. “Je krijgt er heel veel moed en medewerking voor terug als je kinderen serieus neemt. Dan kan het gebeuren dat een 5-jarige dapper blijft zitten tijdens de behandeling, terwijl de stoer commanderende pappa bleek van zijn stoel onder tafel glijdt”. Daarnaast heeft hij de mazzel gehad altijd met fijne collega’s te kunnen werken. “Ons Zeister gipsteam is een prachtteam. We staan ervoor en gaan ervoor, met elkaar en door elkaar”.

Op 18 februari is zijn laatste werkdag. Geen feest natuurlijk, dat laten de Covid-maatregelen niet toe. Wel koffie en taart. De Heer is daar niet rouwig om: hij hoeft niet zo nodig in het middelpunt.
En dan? Tja, gelukkig is er de muziek: die passie is een vriend voor altijd. Verder hoopt hij als dat weer kan wat over de wereld te gaan zwerven met zijn vrouw en met z’n kinderen regelmatig een terrasje te pakken in Utrecht of Wijk bij Duurstede, waar ze wonen.

Achterwacht

En als slagroom op dat taartje: door collega’s is gevraagd om als achterwacht betrokken te blijven bij de gipskamer. Als dit officieel wordt kan hij, in een wat lagere versnelling, nog even door op dat wondermooie scherp van de snede. “Veel beter kan ik het me niet voorstellen”.

Meer berichten

Het lokale nieuws in uw mailbox ontvangen?

Aanmelden