Foto: Ellen Teunissen

Dohmen draaf door: Coronacarrousel

  Nieuwsflits

De zon laat zich eindelijk zien! Enthousiast maakt ons lichaam onmiddellijk endorfine aan, het gelukshormoon waardoor we met een positieve blik naar de wereld gaan kijken. De aandrang om bekenden die niet tot hetzelfde huishouden behoren te knuffelen wordt meteen groter. Voorzichtig ingeleid door de vraag ‘Ben jij al geprikt?’ volgt bij een positief antwoord een oneindig lang uitgestelde omhelzing, eerst onwennig en dan al snel weer vertrouwd. Zelfs de kleine ongemakken bij zo’n hug - jij bent klein en de ander groot, waardoor je neus ergens tussen een oksel en een navel verdwijnt - geven de indruk nooit ver weggeweest te zijn.

Al die blijheid zorgt er zelfs voor dat mensen massaal naar kantoor gaan. Kennelijk weegt de thuisconsumptie van vrachten chocolade, winegums en drop niet op tegen het genot van gezelschap van collega’s. In het eerste kwartaal van 2021 zat er negen procent groei in de aankoop van zure matten, berekende ABN Amro!

Ik dacht overigens dat we voor dat soort berekeningen het CBS hadden, maar tijdens corona bleef niks en niemand op zijn plek. Ouders werden onderwijzer, studenten bron- en contactonderzoeker en filantropen veranderden achter hun derderangsmondkapje in geldwolven. Ook het gewone personeel is massaal van baan veranderd. Ik bezocht een tuincentrum en een kampeerwinkel, en daar viel me één ding op: iedereen werkt er nog maar net. Vragen werden stelselmatig beantwoord met ‘Ik weet het niet, ik werk hier nog maar net’, gevolgd door een onverstoorbaar doorgaan met het eigen werkje óf een angstvallig oogcontact zoeken met een collega met meer dienstdagen. Wat is er gebeurd in al die lockdown-maanden?

Tot voor enkele jaren werkte ik bij de overheid. Het was nog niet zo eenvoudig om mensen te verleiden om - binnen diezelfde overheid - van baan te wisselen. Er werd veel geld en tijd gestoken in snuffelstages, meeloopdagen en voor de beter betaalden was de job carrousel bedacht. Denk daarbij aan een handvol managers verspreid over een aantal afdelingen die met elkaar hun plekje gingen uitruilen. De bestuurder van de brandweerwagen ging op het hobbelpaard, de berijder van het hobbelpaard mocht op de wipkip en de kippenman- of vrouw weer door naar de brandweerwagen. Je hoefde geen muntje te betalen en je kreeg er ook geen extra. Dat was het op zich aardige idee, maar de praktijk bleek een stuk weerbarstiger. Wie eenmaal lekker in het zadel zat, had weinig zin om met een ander te ruilen. ‘Van ruilen komt huilen’, moet men gedacht hebben.

Maar kennelijk is tijdens corona de carrousel in beweging gekomen en zijn mensen aan nieuwe banen begonnen. Nieuwe uitdagingen, zou mijn vroegere werkgever zeggen. Ik ben benieuwd wat dat gaat brengen, nieuwe bezems vegen schoon, een frisse blik kan nooit kwaad. Gelukkig zijn er ook mensen die gewoon zijn blijven doen wat ze hiervoor al deden. Het institutioneel geheugen moet toch door iemand worden bewaard. Zodat er mensen zijn die weten waar de zure matten liggen. Want ik heb geen collega’s of kantoor en mijn hobbelpaard is met pensioen. Ik snoep lekker door, dus als we straks huggen, voel je waarschijnlijk wat extra’s. Gelukskilo’s.

Carol Dohmen

Meer berichten

Het lokale nieuws in uw mailbox ontvangen?

Aanmelden